Herkent u dit ook? Kleuters die in de kring moeite hebben met het blijven zitten op hun stoel of een antwoord door de kring roepen. Kleuters die dromerig zijn tijdens de kringgesprekken, kinderen die niet van elkaar af kunnen blijven of kinderen die niet bezig zijn met het taakje dat ze moeten maken. Het lijkt wel of u soms de hele dag aan het waarschuwen, mopperen en corrigeren bent.
Marioleine van Geel, intern begeleider, basisschool Deken van Hout, Asten: “Dit is herkenbaar bij onze kleutergroepen. De leerkrachten corrigeren de kinderen op hun gedrag, je probeert dit positief te doen, maar vaak ben je toch aan het mopperen.“
Het gedrag van kinderen, en dat geldt zeker voor kleuters, wordt aangeleerd. Dit geldt voor gewenst gedrag én ongewenst gedrag. Deze stelling is gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek en wordt onderbouwd met de leertheorie.
De leertheorie is voor leerkrachten in twee opzichten zeer
interessant:
1. Gewenst gedrag kun je aanleren, en dus neemt het
ongewenst gedrag af.
2. Ongewenst gedrag kun je afleren, en dus neemt het gewenst
gedrag toe.
De meest effectieve aanpak om te komen tot gewenst gedrag is om een koppeling van beide manieren te gebruiken. Door gewenst gedrag te belonen met complimenten, leren kinderen dat dit gedrag graag gezien wordt. Door de positieve benadering van de leerkracht, wordt ook het klassenklimaat positief gestimuleerd. Door daarnaast het ongewenste gedrag te negeren, ervaren kinderen een negatieve consequentie op hun gedrag. Ze krijgen immers geen aandacht voor hen gedrag, want de leerkracht focust zich op de kinderen die het gewenste gedrag laten zien en hierdoor zal het ongewenste gedrag uitdoven.
Marioleine van Geel, intern begeleider, basisschool Deken van Hout, Asten: “Voordat onze school aan de slag ging met Taakspel, waren wij vaak gericht op het ongewenste gedrag. Onze regels waren negatief geformuleerd en wij spraken kinderen aan op wat niet goed ging. Door de begeleiding in het Taakspeltraject van OCGH Advies, zijn we ons bewust geworden van de effecten van onze communicatie op kinderen. Wij richten ons meer op het benoemen van gewenst gedrag en hebben onze regels, zowel voor de klas als in de school, positief geformuleerd. Dit heeft een positief effect op kinderen, de kinderen richten zichzelf ook steeds meer op het positieve gedrag.”